Organisatorische integratie met NATIONAAL MILITAIR MUSEUM

Eind 2006 is het plan om als "dochteronderneming" van het Legermuseum vanaf 2007 verder te gaan, herzien.

Aan de integratie met het Legermuseum zitten voor de Landmacht weliswaar bestuurlijke voordelen, maar die komen zeker vwb de financiŽle aspecten na verloop van tijd (na ca 2013) tot uiting.
Daar thans enerzijds de investeringsmiddelen (ca E 25 miljoen) ontbreken en de verhuizing van het Legermuseum uit Delft naar Soesterberg en samengaan aldaar met het Luchtmachtmuseum voorgaat, wordt in elk geval de integratie van de 4 verzamelingen van de Logistieke Dienst/KL en die van de Verbindingsdienst met het Legermuseum uitgesteld tot na die verhuizing en herinrichting (ca 2012/13) en mogelijk langer.
Of de verzamelingen van de Artillerie, de Cavalerie, de Genie en van de Infanterie wel mee gaan doen met het Legermuseum (en dus tzt met het Nationaal Militair Museum) is nog in beraad.
De verzamelingen van de Logistieke Dienst/KL en die van de Verbindingsdienst blijven gedurende het uitstel als Regimentsverzamelingen onder de vleugels van de regiments- en korpscommandant bij de Landstrijdkrachten.
De lering uit de aanloopproblemen huisvesting enz. van het Nationaal Militair Museum kunnen leiden tot een effectief integratieproces op termijn voor de verzamelingen van de Verbindingsdienst en de Logistieke Dienst met het toekomstige samengevoegde KL/KLU-museum.

Hoewel het uitstel een teleurstelling was, zitten er ook positieve kanten aan deze situatie.

  • De zgn A-status die nog gerealiseerd moet worden dmv de concentratie van de 4 verzamelingen van de Logistieke Dienst (i.c. B&T, GNKD, MA en TD) in Soesterberg kan zonder haast gerealiseerd worden binnen het kader van de verbouwingen en verhuizingen;
  • Ons eigen Stichtingsbestuur blijft eigenaar en baas van de verzameling;
  • De SRVTT kan 5 jaar langer de verzameling Technische Troepen gaan opbouwen;
  • Er is minder tijdsdruk voor opzetten en overdracht van bestanden;
  • De juridische haken en ogen kunnen op het gemak aangepakt worden;
  • De privť financiŽle bestedingen kunnen in de tijd beter uitgezet worden;
  • FinanciŽle Ondersteuning door Defensie blijft van kracht;
  • Defensie blijft verantwoordelijk voor onderhoud van de infrastructuur;
  • Defensie blijft verantwoordelijk voor goede toegankelijkheid voor publiek;
  • Defensie blijft meestal kosteloos ondersteunen bij restauratie van materieel;
  • Het restauratieatelier in Nieuw Milligen hoeft nog niet te verhuizen.

KORTOM
LANGER EIGEN BAAS BLIJVEN HEEFT ZEKER VOORDELEN